Neurofeedback
Training bij het Gilles de la Tourette syndroom
Waarschijnlijk is de beste beschrijving van het syndroom van Gilles
de la Tourette te gegeven door iemand die zelf daaraan lijdt.
Of, om het in de woorden van Adam Ward Seligman te zeggen, “Het
Tourette syndroom staat bekend als een veel voorkomende en genetisch
bepaalde gedragsafwijking die gekenmerkt wordt door een gebrek aan
inhibitie (dit is het vertragen of verhinderen van reacties).
•
De inhibitie kan betrekking hebben op bewegingen waardoor tic’s,
zenuwtrekken of zenuwtrekjes optreden.
• Het kan een probleem zijn ten aanzien van de inhibitie van
spraak of geluiden waardoor vocalisaties optreden.
• Het kan een verstoring zijn in gedachten of actie waardoor
de obsessief-compulsieve stoornis het gevolg is.
• Ook kan het betrekking hebben op een verstoring van iemands
concentratie met als resultaat aandachtskortstoornissen (ADD).
• Het kan zelfs een probleem zijn betrekking tot het “onder
controle houden van de emotie”.
(in: Adam Ward Seligman’s ”Dont Think about Monkeys”).
Per “definitie” heeft het Tourette syndroom betrekking
op motorische en vocale tics. Daarnaast zijn de diagnostische criteria
van dien aard dat alleen de meer (en meest) ernstige gevallen daaraan
voldoen. Hierdoor wordt over het algemeen aangenomen dat de stoornis
zeldzaam en altijd ernstig is. Feitelijk zijn symptomen echter meer
gevarieerd en bestrijken een breed scala qua ernst. Wordt er in
deze bredere context gekeken dan komt de conditie redelijk vaak
voor.
Uitgaande van het feit dat de oorspronkelijke samenstelling van
de diagnostische criteria erg willekeurig is (geweest), ontstaat
er pas een goed begrip van het Tourette syndroom als er gekeken
wordt naar de oorsprong.
Als ouders de term ”Gilles de la Tourette syndroom”
horen noemen (in relatie tot hun kind) dan schrikken ze zich een
hoedje, en denken meteen het ergste.
De afgelopen twee jaar is er erg veel klinische evidentie waargenomen
over de effectiviteit van neurofeedback (EEG-biofeedback) als een
aanvullende methode om de symptomen van het Gilles de la Tourette
syndroom te behandelen. In plaats van te kijken naar de stoornis,
zoals deze volgens de diagnostische criteria gesteld wordt, wordt
er de voorkeur aan gegeven om naar de individuele en verschillende
soorten symptomen te kijken.
Laten we dit even verduidelijken. Een flink aantal verschillende
symptomen zijn hoog gecorreleerd met het Gilles de la Tourette syndroom.
Te noemen zijn aandachtsstoornissen, angst en depressie, oppositioneel-opstandig
gedrag, gedragsstoornissen, obsessief-compulsief gedrag, episodisch
controleverlies, hyperseksualiteit en verslavingsgedrag.
Dit zijn allemaal veel voorkomende symptomen die optreden zonder
dat er nadrukkelijk (volgens het boekje) sprake is van het Gilles
de la Tourette syndroom. Hiervan in zijn in het bijzonder te noemen:
aandachtsstoornissen, angst en depressie. Neurofeedback bewijst
daarnaast ook erg goede diensten bij oppositioneel-opstandig gedrag,
gedragsstoornissen en bij obsessief compulsieve gedrag. Veel minder
klinische data is er tot nu toe verschenen over verslavingsgedrag
en seksueel afwijkend gedrag. Dergelijk gedrag reageert echter ook
goed op Neurofeedback bij mensen die gediagnosticeerd zijn met het
Gilles de la Tourette syndroom. Ten aanzien van de motorische tic’s
is onze ervaring tot op dit moment dat wanneer Neurofeedback wordt
begonnen, als de tics pas recent zijn gaan optreden, er de meeste
kans bestaat op een volledig verdwijnen hiervan. Hetzelfde geldt
ook voor tic’s die het gevolg zijn van de gebruikte medicatie
(medicatie afhankelijke tic’s) zoals deze wordt voorgeschreven
bij bijvoorbeeld ADHD (zoals Ritalin™, Dexedrine en Cylert™
[Pemoline]). Bij volwassenen waar de tic’s al meerdere jaren
bestaan is een volledig herstel helaas minder waarschijnlijk.
Vanwege de veel verschillende symptomen is het moeilijk om bij Neurofeedback
een specifiek EEG trainingsprotocol te bepalen waarmee al deze symptomen
(in één keer) kunnen worden aangepakt.
Hiermee wordt bedoeld dat een protocol wat gebruikt wordt bij de
behandeling van aandachtsstoornissen niet automatisch ook werkt
bij obsessief compulsieve klachten. De protocollen zijn in de meeste
gevallen verschillend. Komen er meerdere symptomen voor dan zullen
de meest significant en probleemveroorzakende symptomen het eerst
worden behandeld en zullen de minder uitgesproken symptomen pas
op een later tijdstip aan de orde zijn. Dit verschilt niet wezenlijk
van de manier waarop er medicatie wordt voorgeschreven. In dergelijke
gevallen zijn vaak ook verschillende voorschriften noodzakelijk
om alle symptomen onder controle te krijgen.
Over het algemeen is te stellen dat de effectiviteit van neurofeedback
cumulatief en permanent is. Soms is er tussen de trainingsessies
wel een bepaalde terugval van de symptomen mogelijk. Dan is het
van belang om de frequentie van de behandeling te vergroten (minder
tussenliggende tijd tussen de sessies). Vooral in het begin kan
het soms verstandig zijn om drie of meer trainingssessies/behandelingen
per week te volgen/onderdaan. Ook is het soms zinvol om een tijd
na het beëindigen van de behandeling nu en dan één
of een klein aantal sessies te volgen. In extreem ernstige gevallen
kan het nodig zijn om Neurofeedback trainingen meer of meer continu
vol te houden volgens een regulier schema. Dit zijn echter echt
uitzonderingen.
De meeste kinderen met het Gilles de la Tourette syndroom staan
ook onder een medicamenteuze behandeling. Bij een succesvolle Neurofeedback
behandeling kan het zinvol zijn om de medicatie wat aan te passen.
Een echte voorwaarden hierbij is dan wel dat het kind onder behandeling
staat van een arts die daarvoor open staat.
|