Dromen
en de REM-slaap
Gewoonlijk
dromen we ’s nachts gemiddeld circa 2 uur. De wetenschap weet
nog niet hoe of waarom we precies dromen. Sigmund Freud, die van
grote invloed is geweest op de ontwikkeling van de psychologie,
dacht dat dromen dienst doen als een ‘veiligheidsklep’
voor onbewuste verlangens. Pas in 1953, toen voor
het eerst de REM-slaap beschreven werd bij slapende kinderen, begon
de wetenschap specifiek onderzoek te doen naar slaap en dromen.
Al snel werd ontdekt dat die vreemde onlogische gewaarwordingen
die we tijdens de slaap hebben (en die we dromen noemen) meestal
optreden gedurende de REM-slaap. Er werd tevens ontdekt dat ook
de meeste zoogdieren en vogels tekenen van REM-slaap vertonen.
Reptielen en andere koudbloedige dieren doen dit niet.
De REM-slaap
begint met signalen vanuit een deel van de hersenstam dat de 'pons' genoemd
wordt. Deze signalen worden naar de thalamus gestuurd, die als een
schakelstation voor de hersenschors dienst doet. De hersenschors
is het deel van de hersenen dat verantwoordelijk is voor leren,
denken en het organiseren en verwerken van informatie. De pons zendt
ook signalen uit naar het ruggenmerg waardoor bewegingen van de
ledematen tijdelijk worden onderdrukt. Ingeval er iets
interfereert met (oftewel tegenwerkt aan) deze onderdrukking van spieractiviteit
wordt de droom ‘fysiek’ uitgevoerd. Dit is een zeldzaam
en gevaarlijk probleem en wordt ook wel een REM-slaapgedragsstoornis
genoemd. Als zo iemand bijvoorbeeld droomt over een balspel
kan hij of zij hard tegen het meubilair aanrennen of de bedpartner raken als geprobeerd wordt de bal ‘te vangen’
in de droom.
REM-slaap
stimuleert ook die hersendelen die gebruikt worden bij leerprocessen.
Dit kan van belang zijn voor de ontwikkeling van het brein gedurende
de kinderleeftijd, en verklaart waarom kinderen veel meer REM-slaap
hebben dan volwassenen. Evenals diepe slaap is REM-slaap
geassocieerd met een toename van de productie van proteïnen.
Een bepaalde studie maakte duidelijk dat REM-slaap van invloed
is op het leren van bepaalde mentale vaardigheden. Proefpersonen
die bepaalde vaardigheden aanleerden en wakker gemaakt werden tijdens
niet-REMslaap konden zich herinneren wat ze hadden geleerd, terwijl mensen wakker werden gemaakt tijdens de REM-slaap
hier niet toe in staat waren.
Bepaalde geleerden geloven dat dromen pogingen van de hersenschors
zijn om betekenis te geven aan de min of meer willekeurige signalen
die ontvangen worden gedurende de REM-slaap. De hersenschors is
dat deel van het brein dat informatie vanuit de omgeving interpreteert
en organiseert in en tijdens het bewustzijn. Het is zelfs mogelijk
dat de hersenschors probeert deze signalen te interpreteren en een
soort verhaal maakt van de gefragmenteerde hersenactiviteit.
Een minicursus 'De Slaap Begrijpen'
Slaap: een dynamische
activiteit
Hoeveel slaap hebben we nodig?
Wat doet de slaap?
Dromen en de REM-slaap
Slapen en de biologische
klok
Slaap
en ziekte
Slaapstoornissen
De toekomst
Tips voor een goede
nachtrust
|